Maarten van Stek: “Ik heb mensen leren kennen” – Hoefslag

Een aantal jaar geleden was Maarten van Stek succesvol met zijn William (v. Worldly) in de Subtop. Hij vloog door het ZZ-Zwaar en de Lichte Tour. Het ging zo goed dat hij nog maar één doel had en er geen doekjes om wond. Hij ging alles op alles zetten om de Grand Prix te bereiken. En dat is best knap met één arm. Zijn andere arm verloor Maarten namelijk als klein jongetje bij een ongeluk.

Inmiddels zijn we een paar jaar verder en is er heel wat gebeurd, maar rijdt Maarten nog geen Grand Prix. “Tja alles leek de goede kant op te gaan. Het rijden ging super, ‘Willem’, zoals we hem op stal noemen, pakte de Grand Prix oefeningen goed op en ook mijn eigen trainingsstal liep goed, totdat ik een ongeluk kreeg. Ik reed op Willem rondom de stal op de stenen en hij schrok. Hij galoppeerde aan in een soort bocht en gleed onderuit. Bovenop mijn been, die nét niet was verbrijzeld. Ik had mijn kuit- en scheenbeen, enkel en alle middenvoetsbeetjes gebroken. Dat was in 2018. Na een half jaar zat ik weer in het zadel, maar ik kwam niet lekker in het ritme. Nu sinds de zomer rijd ik echt weer volop.”

Dát vind ik pas echt erg

“In de tussentijd is er een hoop gebeurd en door het ongeluk heb ik eens een stapje terug moeten doen. Hierdoor bekeek ik het van een afstand en dat heeft de boel gerelativeerd. Ik kon mijn bedrijf niet voortzetten, dus daar ben ik mee gestopt. In die periode merk je dat je alleen interessant bent als je mee doet en leer je je vrienden kennen. Eigenlijk vond ik dat nog niet eens het ergste, maar ik bedacht mij als ze zo gemakkelijk met mij omgaan, hoe gemakkelijk gaan ze dan wel niet om met hun paard? Die schuiven ze dan nóg makkelijker aan de kant als hij het niet doet. En dat vind ik echt erg. Mensen denk eens langer na, vind het leuk om problemen op te lossen, voel, denk, vraag, blijf nieuwsgierig, ga in discussie. Nee, de meeste mensen doen dat niet en dat gaat mij erg aan mijn hart.”

Bewijzen

“Langzaamaan ben ik na mijn ongeluk het lesgeven weer gaan oppakken, maar alleen op stal. Ik ben het expres dichtbij huis gaan zoeken. Ik merkte dat ik toen pas mijn energie op de goede manier gebruikte. Tijdens bijvoorbeeld een onderlinge wedstrijd op stal heb ik L-ruiters geholpen en dat was een heel leuk en gaf veel voldoening. Aan het einde van de dag ging ik met een goed gevoel naar huis. Ik lever geen kampioenen af, maar wel mensen die fijn paardrijden. En daar gaat het mij om. Ik heb ook minder het gevoel om mij te bewijzen en ben minder gejaagd. Ik durf nu te zeggen ‘zeg maar wat je nodig hebt, misschien kan ik je helpen’. In plaats van te bewijzen dat ik het allemaal beter weet. Dit geeft rust en voldoening. Gelukkig zit ik ook in de financiële situatie dat ik dit op deze manier kan doen. Iedereen is welkom bij mij en ik heb nu een leuk klantenbestand met leerlingen die voldoende zelfreflectie hebben. Inmiddels heb ik vijf combinaties opgeleid naar de Grand Prix en zeventien naar de Lichte Tour.”

Te veel druk op het paard

Daarbij heb ik ook geleerd om veel meer uit te gaan van het paard en zijn welzijn. Er wordt naar mijn mening te weinig geluisterd naar de paarden. Paarden geven regelmatig aan dat ze iets lastig vinden en toch duwen de meeste ruiters ze er toch door heen. Er staat te veel druk op. Probeer te luisteren naar je paard en hem te helpen. Natuurlijk moet je wel consequent zijn, maar wel het paard de kans geven. En dan doe je er maar wat langer over, dat moet geen belemmering zijn. Zelf ben ik echt niet heilig, maar dit heb ik echt wel geleerd.”

Voor zestigste

“Hoe het met mijn Grand Prix doel is? Nou daar ga ik weer volledig voor. Ik leste voorheen bij Nicole (Werner red.) en Alex (van Silfhout red.), maar die kregen het te druk met al hun andere taken. Nu les ik bij Dominique Filion en dat bevalt heel goed. Ik ben al heel lang bevriend met haar, maar ze zat steeds zo ver weg. Nu zit ze dichterbij en kan ik dan eindelijk bij haar lessen. Ik bewonder haar om haar manier van rijden en hoe ze over de paarden praat. En juist het management van het paard vind ik ook heel leuk om heel goed te doen. Dominique kijkt naar de paarden en probeert zichzelf voor hen te verbeteren. Daarnaast ben ik bij haar geen nummertje, ze is oprecht geïnteresseerd. Ze helpt mij ook weer mijn zelfvertrouwen op te bouwen. Omdat ik mijn vrienden leerden kennen, heeft dat best een deuk opgelopen. Maar ze zegt ook eerlijk dat het wel voor mijn zestigste, ik ben nu 59, en vóór Willem zijn zeventiende, moet gebeuren. Voor het ongeluk startte ik Intermediaire II. Binnenkort wil ik weer beginnen in de Lichte Tour en dan over naar de Zware Tour. Hij doet alles, maar ik moet het natuurlijk nog wel aan elkaar rijden. Grand Prix is gewoon gezeik op een vierkante millimeter, zeg ik altijd hard lachend. Of het gaat lukken zullen we zien. Ondertussen geniet ik gewoon van mijn paard die ik al twaalf jaar heb, maar kijk ik ondertussen ook naar een opvolger”, besluit Maarten zeer gedreven. (CdB)

Dressuurruiters.nl